Tijdens het seizoen 2017-2018 werd de redactie van Fortuna Online uiteraard meegezogen in de prachtige sportieve prestaties van ons vlaggenschip. Een uitermate spannende strijd eindigde uiteindelijk in een fantastische apotheose met de promotie in een uitverkocht stadion tegen Jong PSV. Doordat alle aandacht naar Fortuna uit ging, bleven er enkele groundhopverslagen op de plank liggen. Hoog tijd om deze af te stoffen en alsnog aan onze trouwe lezers te presenteren.


In de zomer van 2017 gaat mijn vakantie, inmiddels bijna traditiegetrouw, naar Italië. Eindbestemming: Figline Valdarno in Toscane. In de aanloop naar deze reis kijk ik uiteraard al even op de kaart welke stadions er op de route en in de buurt van de eindbestemming liggen. Zo staat er voor maandag 28 augustus, als we vanuit Oostenrijk naar een tussenstop in de buurt van Verona rijden, een bezoekje aan het stadion van Trento gepland. Voordat we daar aan komen, krijgen we met een kleine tegenslag te maken. Figuurlijk, maar ook letterlijk want op de Brennerpas stuitert er een klein steentje van een vrachtwagen precies op onze voorruit. Dat zorgt voor een minuscuul sterretje, niks om ons vooralsnog zorgen om te maken.


Na een klein stukje van de Autostrada del Brennero te zijn afgeweken, bereiken we het Stadio Briamasco. Het stadion is gelegen naast de rivier Adige en biedt plaats aan ruim vierduizend bezoekers. De plaatselijke trots AC Trento is zojuist gepromoveerd vanuit de regionale divisie naar de Serie D. Een divisie waar de club al jarenlang in acteert, met af en toe een uitstapje naar het amateurniveau. De poort bij de hoofdingang staat open waardoor ik meteen binnen een kijkje kan nemen.


En we zijn binnen!

Het stadion heeft alleen tribunes aan de lange zijden. Achter de doelen staan rijen vol reclameborden. De tribune waar ik op sta is een overdekte zittribune van een meter of veertig breed. Aan beide zijden bevindt zich een klein stukje onoverdekte staantribune. Aan de overkant zien we eveneens een kleine overdekte tribune met links daarvan een onoverdekte noodtribune. In het verleden speelden onder andere bekende spelers als Giuseppe Signori en Francesco Toldo voor Trento, toen ze door hun toenmalige clubs werden verhuurd.


Achter het doel veel reclameborden

Wanneer we weer naar buiten lopen, lopen we een oude man tegen het lijf. Hij blijkt geen woord engels of duits te spreken. Met handen en voeten probeert hij me uit te leggen dat hij met een busje voor de club rijdt. Ik knik vriendelijk en begrijpend en wens hem nog een prettige dag. Een uitgebreid gesprek met deze goede man is vanwege de taalbarrière toch onmogelijk.


De zit- en staantribune aan de overkant met op de achtergrond de Italiaanse bergen

Wanneer we ’s avonds terugkeren bij ons hotel in de buurt van Verona zien we dat het kleine sterretje in de voorruit inmiddels tot een langere barst is verworden. Een telefoontje naar Carglass leert dat dit geen kwaad kan. ‘Alleen wanneer de barst je zicht teveel hindert, is het verstandig om de ruit alsnog te laten vervangen’ luidt het advies van de vriendelijke medewerkster. Met die wetenschap stappen we de volgende ochtend in de auto voor de rit naar Toscane.


Onderweg passeren we bekende plaatsen als Mantova, Carpi en Modena. Plaatsen die we vorig jaar al bezochten om de lokale stadions te bezoeken (Van Mantova tot Parma…). Die stadions laten we vandaag dan ook links liggen. Er staat echter wél een tussenstop in Bologna gepland. Niet om op zoek te gaan naar de geboorteplaats van de befaamde bolognesesaus, maar wel voor het Stadio Renato Dall’Ara. Het stadion ligt aan de westkant van de stad en dat komt voor ons goed uit. Vanaf de afrit van de Autostrada del Sole is het slechts een paar kilometer binnendoor voordat we het imposante stadion bereiken. De entreepoort is open waardoor we moeiteloos schuin tegenover de fanshop kunnen parkeren.


Van buiten al een indrukwekkend stadion

Aangezien de fanshop geopend is, lijkt me een bezoekje een goede eerste stap om ook in het stadion binnen te komen. Na de aanschaf van de gebruikelijke pins vraag ik de verkoper of we even snel wat foto’s in het stadion mogen maken. De man spreekt gelukkig redelijk engels en is van goede wil. Er wordt in het stadion gewerkt, maar hij wilt wel even met ons meelopen en ons binnen laten. Een minuut later slaat mijn groundhoppershart even over. Wát een groot stadion!


Van binnen nog indrukwekkender

Bologna Football Club werd voor de oorlog zes keer landskampioen en herhaalde dat kunstje na de oorlog nog een keer in 1964. De beker werd in 1970 en 1974 gewonnen. In 1998 deed de ploeg mee aan de Intertoto Competitie. Voor de oplettende Fortuna-supporter: inderdaad, in datzelfde jaar kwam ons clubje ook in actie in dezelfde competitie! Helaas zorgde een nederlaag in Salzburg destijds voor de uitschakeling. Sinds 1995 speelt Bologna constant in de Serie A en B. Sinds 2014 is de club in Amerikaanse handen. In het seizoen 2016-2017 draaide de ploeg van trainer Roberto Donadoni niet geweldig. Gemiddeld 21.000 toeschouwers zijn er getuige van hoe de ploeg uiteindelijk als vijftiende eindigt in de Serie A.


De hoofdtribune

Het veld ligt er na één speelronde niet best bij. De droogte en hitte zullen hier voornamelijk debet aan zijn. Aan beide lange zijden zien we zittribunes met stoeltjes in de clubkleuren blauw en rood. Op de tribune tegenover de hoofdtribune staat de bekende Maraton toren. Voor deze toren stond enige tijd een standbeeld van Mussolini, maar dat werd later weer weggehaald. Achter de doelen kun je op de curva’s ook zitten, maar daar zullen de fanatiekere fans de wedstrijden doorgaans staand volgen. Het valt op deze tribunes veel zitjes ontbreken. Waarschijnlijk het resultaat van ontevreden ultra’s of overmatig vuurwerkgebruik.


De imposante toren aan de lange zijde

Het stadion draagt sinds 1983 de naam van oud voorzitter Renato Dall’Ara. Toen het stadion in 1927 opende, kreeg het echter een hele andere naam. Het Stadio Littoriale was een rechtstreekse verwijzing naar de regering van Mussolini. Iets wat in die tijd overigens op meer plaatsen in Italië gebeurde en voor dat tijdperk niet vreemd was. Nadat het fascistische regime was gevallen, werd het stadion omgedoopt tot het Stadio Communale. Totdat het dus in 1983 zijn huidige naam kreeg. Dall’Ara was een bekende en populaire voorzitter die enkele weken voordat Bologna in 1964 landskampioen werd, overleed. Hij was maar liefst dertig jaar lang voorzitter van de club.


Geen Italiaans stadion zonder graffiti in de buurt

Het is inmiddels vrijdag 1 september. Na enkele dagen op de camping te hebben verbleven is het weer tijd voor een uitje. Na anderhalf uur rijden door de Toscaanse heuvels bereiken we het populaire toeristische plaatsje Siena. De plaats is blijkbaar héél populair, want na twee rondjes rijden langs de parkeerplaatsen in het centrum en het stadion hebben we nog niet één vrije parkeerplek gezien. Bovendien hangt er bij het stadion een bordje waarop ‘Stadio Chiuso’ te lezen valt: het stadion is gesloten. Daar we na de rit inmiddels wel behoefte hebben aan een sanitaire stop en een verfrissend drankje, besluiten we Siena te laten voor wat het is en net buiten het centrum een pauze te nemen. De barst in de voorruit is in de afgelopen dagen groter en groter geworden waardoor we toch maar een afspraak bij Carglass gaan maken. We worden doorverbonden met de Italiaanse afdeling en krijgen te horen dat we ons een dag later om 14 uur bij de Carglass-vestiging in Florence mogen melden. De kosten mogen we voorschieten en krijgen we in Nederland later terug. Wat die kosten zijn? ‘Eight hundred and twentyone euros’. Heel even slikken we, maar onze veiligheid staat uiteraard voorop. We bevestigen de afspraak en rijden verder naar de, eveneens toeristische trekpleister, San Gimignano.

Na enkele uurtjes door San Gimignano te hebben geslenterd, hebben we het gezien. Terug in de auto vraagt mijn vriendin of er misschien nog ergens een stadion in de buurt ligt. Een snelle blik op de kaart leert ons dat we vijfenveertig minuten van Empoli verwijderd zijn. Dat is goed te doen, dus wordt de TomTom ingesteld. Daarvoor rem ik even af en parkeer de auto langs de weg. Dat is blijkbaar niet naar de zin van de auto achter me, die luid toeterend laat weten niet van mijn manoeuvre gediend te zijn. Italianen en het verkeer, het blijft een aparte combinatie.


Als we het stadion van Empoli bereiken, zie ik tot mijn tevredenheid enkele mensen naar binnen lopen. De poort is inderdaad open en even later staan we op de hoofdtribune. Een agent die toevallig binnen is gelopen vertelt me dat Empoli afgelopen seizoen (2016-2017) is afgegleden uit de Serie A. En dat is op zich geen vreemd gegeven voor Empoli. De afgelopen twintig jaar werd er met enige regelmaat gewisseld van de Serie A naar de Serie B en omgekeerd.


Vanaf de weg kijk je zo het stadion in

Het stadion heeft de naam gekregen van Carlo Castellani. Een oud-speler die tijdens de tweede wereldoorlog overleed in een concentratiekamp. Zoals in veel andere Italiaanse stadions zien we aan de beide lange zijden wederom een zittribune. Achter de doelen mogen de fanatieke supporters plaats nemen op de eenvoudigere onoverdekte noodtribunes. In totaal kunnen er bijna twintigduizend bezoekers in het stadion. In het degradatiejaar passeerden gemiddeld 9400 mensen de poorten bij thuiswedstrijden.


Een degelijke tribune tegenover de hoofdtribune

Nadat ik een aantal bezoekers de kantoorruimtes heb zien betreden, neem ik daar zelf ook maar even een kijkje. Via enkele deuren sta ik ineens in de ticket office. Van de drie aanwezige dames spreekt er een gebrekkig Engels. Op mijn vraag of ik als souvenir wellicht een speldje aan kan schaffen, verwijst ze me naar de fanshop die ergens in de stad op een of ander plein te vinden is. Nu vind ik een souvenirtje best leuk, maar om daar nog een hele tour voor te gaan maken, daar heb ik weinig zin in. Vriendelijk bedank ik de vrouw voor de informatie en zoek onze auto weer op.


Noodtribunes achter het doel

Vanuit Empoli is het nog een uurtje rijden naar onze camping. Aangezien het langzaam richting spitstijd gaat en we de zuidkant van het drukke Florence passeren, wordt het drukker en drukker op de weg. Bij een samenvoeging van autowegen besluit een Italiaan op de allerlaatste meter van de invoegstrook in te voegen. In een reflex wijk ik uit naar links, wat me wederom op luid getoeter van een andere automobilist komt te staan. Op veel begrip hoef je duidelijk niet te rekenen op de Italiaanse wegen. Vlak voordat we de afrit bereiken die we moeten nemen, komen we in een file terecht. Het blijkt een kijkersfile. Aan de overkant van de weg zien we even later dat een vrachtwagen over de vangrail is gevlogen, dubbel is gevouwen en vlam heeft gevat. Gelukkig bereiken wij heelhuids onze camping. ’s Avonds is er nog meer goed nieuws: Fortuna wint door twee treffers van Stefan Askovski met 2-1 van Almere City!


Op zaterdag 2 september staat, zoals een dag eerder afgesproken, een bezoek aan Carglass op het programma. Aangezien deze in Florence gevestigd is, een mooie gelegenheid om het stadion van Fiorentina te bezoeken. Vanuit de camping is het veertig minuten rijden. Gelukkig gaat de rit voortvarender dan gisteren. Aangekomen bij het stadion schieten meteen de herinneringen aan shirtsponsor Nintendo en spits Gabriel Batistuta door mijn hoofd.


De floodlights van Stadio Artemio Franchi

Het stadion van de club die in 1956 en 1969 kampioen van Italie werd, ligt in een heuse sportzone. Rondom het stadion zie ik verwijzingen naar onder andere een rugbyclub, een amateurclub, een zwemvereniging, een atletiekvereniging en een fitnesscentrum. Parkeergelegenheid is er voldoende in dit gebied en zonder moeite vind ik dan ook een plek aan de voorzijde van het stadion. Bij het uitstappen hoor ik direct housemuziek uit het stadion galmen. Dat biedt in ieder geval perspectief! Maar wat zou er te doen zijn? Een open dag? Een test van de geluidsinstallatie? We maken een rondje, maar tot mijn frustratie is elke poort dicht. Wanneer we bijna bij de auto terug zijn, zien we dat de poort bij de hoofdingang wél open staat. Op vijfentwintig meter van de auto kunnen we dus alsnog het stadion in.


The gates are open!

Een steward vertelt ons dat er een amateurwedstrijd bezig is en dat we zeker mogen gaan kijken. Het blijkt een wedstrijd uit de finaleronden van een soort 35+ competitie zoals we die in Nederland kennen. Gedurende het seizoen komen teams uit de regio tegen elkaar in actie. Als soort van hoofdprijs mogen er enkele teams in het stadion van Fiorentina spelen. En dat lijkt me zeker geen straf, want wat is dit een prachtig stadion!


Dit moet genieten zijn voor deze spelers 

Fiorentina is natuurlijk een bekende naam in het Italiaanse maar ook Europese voetbal. Naast de twee genoemde landstitels won de ploeg zes keer de beker. De laatste bekerwinst dateert overigens wel alweer van 2001. In de competitie eindigt de club met de mooie paarse shirts vrijwel altijd in het linkerrijtje. Het imposante stadion biedt plaats aan iets meer dan zevenenveertig duizend toeschouwers. Wat meteen opvalt is het gigantische scorebord dat boven de tribune achter het doel uit torent.


Het scorebord boven de curva

Er zijn blijkbaar meer mensen die dit een mooi stadion vinden. Zo mooi zelfs dat een bruidspaar vandaag haar trouwfoto’s hier komt maken. Dat kan allemaal tussen de amateurwedstrijd door. Nadat we het vrolijke tafereel in de doelmond hebben bekeken, verlaten we het stadion om aan de overkant van de straat de fanshop te bezoeken. En hoe verrassend: met twee pins loop ik even later weer naar buiten.


De toren van zeventig (!!!) meter hoog

Aangezien we nog wat tijd hebben voordat we ons bij Carglass mogen melden, lopen we nog even terug het stadion in. In de gauwigheid tel ik zo’n honderdvijftig geïnteresseerden op de hoofdtribune. Hoe anders was dat gedurende het afgelopen seizoen. Toen bevolkten tweewekelijks gemiddeld 26.500 bezoekers het Stadio Artemio Franchi. En hoewel de tifosi natuurlijk graag nog eens de landstitel zouden willen vieren, hebben ze hier op sportief gebied niet heel veel te klagen. In het seizoen 2016-2017 eindigde Fiorentina als achtste. In de seizoenen daarvoor drie keer als vierde en een keer als vijfde. Voorwaar geen slechte prestaties.


De catacomben onder de hoofdtribune

De goede prestaties van de afgelopen jaren staan in schril contrast met de periode aan het begin van deze eeuw. In 2002 verkeerde AC Fiorentina in grote financiële problemen en werd teruggezet naar de vierde divisie, de toenmalige Serie C2. De naamsrechten werden uit financiele nood verkocht waarna de club verder ging als Fiorentina Viola. De directe promotie zorgde ervoor dat de ploeg naar de Serie C1 zou gaan, maar doordat de Italiaanse bond besloot om de Serie B uit te breiden van 20 naar 24 clubs profiteerde Fiorentina en stootte het direct door naar de Serie B. De naamsrechten werden teruggekocht en onder de naam ACF Fiorentina ging de club in de Serie B verder. Door een play off plek te bemachtigen en Perugia te verslaan, promoveerde Fiorentina na een afwezigheid van twee jaar dus weer naar de Serie A. Een vreemde gang van zaken, maar dat kan allemaal in Italië.


‘La Viola’ heeft veel meegemaakt

In de hoop hier toch ooit eens een wedstrijd mee te mogen maken, kijk ik nog eens rustig rond naar de tribunes om me heen. Het stadion kreeg de huidige naam overigens in 1993. Artemio Franchi was een bekende Italiaanse sportbobo. Maar net als in Bologna kent ook het stadion van Florence een fascistische geschiedenis. Toen het stadion in 1931 werd geopend, kreeg het de naam Stadio Comunale Giovanni Berta. Berta was een fascist die tien jaar eerder was overleden. En eveneens net als in Bologna werd de naam na de val van het fascistische bewind veranderd in het neutrale Stadio Comunale. De laatste overeenkomst tussen Bologna en Florence: beide stadions werden gebruikt voor de WK’s van 1934 en 1990.


Het bruidspaar maakt foto’s naast het doel

Het is nu tijd om naar naar Carglass te gaan. En waar ik verwachtte dat dit ergens aan de rand van de stad zou liggen met een bijbehorende parkeerplaats, ligt de zaak vrijwel in het centrum en moet ik een soort garagebox inrijden. Gelukkig verstaat de man zijn vak en twee uur later rijden we tevreden met de nieuwe voorruit én tevreden over het stadionbezoek terug naar de camping voor een verfrissende duik in het zwembad. De groundhop-koek voor deze reis was daarmee echter nog niet op. Er zouden nog drie stadions bezocht worden. Het verslag daarvan volgt binnenkort.

Nawoord: In het afgelopen seizoen (2017-2018) eindigde Trento op doelsaldo als dertiende in de Serie D Girone B. Daarmee ontliep het ternauwernood de play offs voor degradatie. Bologna herhaalde de prestatie van het seizoen ervoor en finishte weer als vijftiende. Empoli kende een prima seizoen en werd met ruime afstand kampioen van de Serie B, waardoor ze terugkeren naar de Serie A. Fiorentina eindigde net als Bologna op dezelfde plek als een jaar eerder. La Viola werd wederom achtste.